Fietsbeleid: advies Fietsberaad Vlaanderen

Wat is goed fietsbeleid? Wat stimuleert het fietsen? Waar is goede fietsinfrastructuur een noodzaak maar waar kan het ook zonder? Wat is er nodig om meer mensen op de fiets te krijgen? Hoe stimuleren we werknemers of klanten om de fiets te nemen? Wat kan een gemeente samen doen met werkgevers en handelaars? Hoe geven we mensen die de fiets willen gebruiken, een positieve ervaring mee? Waarin onderscheiden goede fietsgemeenten- en steden zich van andere?

De vraag is makkelijker gesteld dan beantwoord, en steeds meer is er nood aan een goed antwoord daarop. Naarmate de fiets meer positie (en ook plaats) inneemt als mobiliteitsoplossing, is het ook belangrijk dat hij de plaats krijgt die hij verdient. Dat is vaak een fietspad, maar lang niet altijd of noodzakelijk. Soms komt het er ook op aan de plaats van andere vervoerswijzen te limiteren of beperken, zodat de fiets meer ruimte krijgt.

Met het opstellen van een visienota “Wat is een kwaliteitsvol fietsbeleid?” wil Fietsberaad Vlaanderen een kader scheppen voor lokale besturen die sterk willen inzetten op de verdere ontwikkeling van hun fietsbeleid. Het gesprek daarover wordt onder andere gevoerd binnen de jury van “Fietsstad/Fietsgemeenten 2015” van de VSV, maar is ook een vraag die op andere fora gesteld wordt (MoRa, commissie personenvervoer, etc.). Ook gemeenten stellen zich de vraag wat de basis van hun fietsbeleid moet zijn en hoe ze dit ook in andere beleidsdomeinen moeten integreren.

Fietsberaad Vlaanderen wil, in samenwerking met haar partners, de nota “Wat is kwaliteitsvol fietsbeleid?” voorbereiden. De nota

  • geeft aan waarom fietsbeleid niet alleen mobiliteitsbeleid is;
  • geeft aan welke plaats de fiets verdient in het mobiliteitsbeleid;
  • geeft aan welke stappen er zijn in de ontwikkeling van een fietsbeleid en wat een groeimodel is (m.a.w. wat doe je best eerst, wat doe je beter later);
  • ontwikkelt een visie op de noodzakelijke wisselwerking is tussen infrastructuur, verkeersreglementering, handhaving en campagnes;
  • ontwikkelt een visie op ondersteuning van gewenst beleid dat bevorderend is voor het fietsen (criteria voor financiering);

De lokale overheid is als regie-voerende partij in het lokale mobiliteitsbeleid natuurlijk het meest evidente aanspreekpunt, maar lang niet diegene die over een monopolie beschikt rond het ontwikkelen van een lokaal fietsbeleid. Steeds meer burgerinitiatieven positioneren zich binnen de ontwikkeling van een lokaal fietsbeleid, naast meer traditionele actoren zoals mobiliteitsorganisaties, wegbeheerders en openbaarvervoermaatschapijen. Fietsberaad Vlaanderen wil in de nota ook inspelen op deze nieuwe context, omdat net daar veel mogelijkheden liggen voor draagvlakontwikkeling in functie van een kwaliteitsvol fietsbeleid.