F7 door Parkbos in Gent
Samenvatting
De F7 tussen Gent en De Pinte loopt door het beschermde Parkbos. De aanleg vroeg om een evenwicht tussen fietscomfort, erfgoedwaarden en natuur. Na klachten over de oorspronkelijke toplaag werd via intensief overleg een duurzame oplossing uitgewerkt met een toplaag in asfalt afgewerkt met een bestrijking van ‘Markies’.
Projectbeschrijving
Het project betreft twee stukken van F7 tussen de Zoë Borluutbrug en de Rijvisschestraat en het Rijvisschepark en de Klossestraat, waar dagelijks tot bijna 1900 fietsers passeren. Voorheen waren fietsers aangewezen op de N60 of N43, waar het onveilig fietsen was langs de gewestweg. De F7 biedt een kortere, veiligere en aangenamere route, maar loopt midden door het Parkbos: één van de vijf groenpolen rond Gent en een beschermd cultuurhistorisch landschap. Het was dus even zoeken naar een manier om het project te verzoenen met natuur en cultuur.
De twee fietswegen werden gerealiseerd in de periode 2016-2018 als onderdeel van een volwaardige fietssnelweg tussen Gent en De Pinte. Een oude spoorwegbedding werd gerecupereerd waardoor de alternatieve verbinding voor de N60 en N43 rechtdoor loopt, en de actieve weggebruiker dus een heel pak sneller en veiliger van a naar b brengt.
In samenspraak met het Agentschap Onroerend Erfgoed werd gekozen voor een fietspad afgewerkt met steenslag. Dit materiaal werd gekozen omwille van het erfgoedvriendelijke karakter. De fietssnelweg was 4m breed, met inbegrip van een afboording met 2×2 rijen kasseien, en aangelegd door de Vlaamse Landmaatschappij. De weg was als volgt opgebouwd:
- Toplaag 11 cm porfiersteenslag
- 10 cm steenslagfundering met toevoegsel betongranulaten type II
- 15 cm steenslagfundering met toevoegsel betongranulaten type I
Bij gebruikers leidde dit echter al snel tot klachten richting Stad Gent, Provincie Oost-Vlaanderen, VLM en MOW. De stofwolken in de zomer en de plassen in de winter leidden tot een versnelde slijtage van de ketting, tandwielen en kogellagers van de fiets en tot vuile broeken en schoenen. De keuze voor profiersteenslag was kennelijk geen duurzame keuze.
Met een duidelijke probleemstelling, werd in 2020 overleg opgestart tussen Stad Gent, Provincie Oost-Vlaanderen, VLM, MOW en de Parkboscoördinator. Er werd gezocht naar een toplaag die comfort, beeldkwaliteit en erfgoedwaarden combineert, en die stof- en spatvorming voorkomt, en slijtvast is. Op dit overleg werden een aantal oplossingen besproken waarbij de aanwezigen de voorkeur gaven aan een toplaag in gekleurde asfalt of een klassieke asfaltlaag afgewerkt met steenslag. Na dit overleg vond er vervolgens ook een overleg plaats tussen de VLM, de Provincie Oost-Vlaanderen en het Agentschap Onroerend Erfgoed waarop die laatste eveneens het probleem erkende.
Het duurde uiteindelijk nog tot 2022 vooraleer er uiteindelijk werd beslist om te werken met een toplaag in asfalt afgewerkt met Markies, een hard en gewassen materiaal van kaliber 2/4 dat afkomstig is uit Noord-Frankrijk. Dankzij de witte korrel erin, geeft het ’s nachts een mooi contrast waardoor het zichtbaarder is.
Betrokken partijen
Er werden verschillende overlegmoment ingepland om de neuzen in dezelfde richting te krijgen, zowel bij de aanleg van het gravelpad, als voor de zoektocht naar een beter alternatief. Er werd een intentieverklaring opgesteld om de samenwerking te formaliseren tussen Stad Gent, Provincie Oost-Vlaanderen en de VLM.
Evaluatie
Er werden een aantal opties geëvalueerd vooraleer men van het gravelfietspad is overgestapt naar een fietssnelweg afgewerkt met Markies.
Na overleg tussen de verschillende partijen in 2020 konden de volgende vereisten worden vastgelegd voor de nieuwe toplaag:
- de beeldkwaliteitsvereisten van het Agentschap Onroerend Erfgoed, nl. er niet uitzien als een monoliete verharding, maar als een halfverharding
- de fietscomfortvereisten van een fietssnelweg
- tonrond gelegd kunnen worden in functie van afwatering als we de kasseistroken – die bij realisatie een aanzienlijke investering hebben gevraagd – willen behouden
- minstens qua kleur aansluiten bij de materiaalkeuze van de aftakking die voorzien wordt door deelgebied Rijvissche
De provincie Oost-Vlaanderen ondervond een gelijkaardige problematiek op de F411 in het Stropersbos in Sint-Gillis-Waas. Zij onderzochten 20 mogelijke bestrijkingen voor de toplaag, waarvan er door de Provincie Oost-Vlaanderen 8 werden weerhouden. Deze werden fysiek getest in 8 proefvakken op de F411.
In 2022 vond een terreinbezoek plaats met onder andere met de Provincie, de VLM, de Stad Gent, Fietsberaad en het Agentschap Onroerend Erfgoed. Op basis daarvan werd in overleg met het Agentschap Onroerend Erfgoed een akkoord bereikt over twee mogelijke types: Grès en Markies. Beide materialen zijn hard, slijtvast en vorstbestendig, en bovendien vergelijkbaar in prijs. De uiteindelijke keuze viel op Markies, omdat dit materiaal ’s nachts beter zichtbaar is door het grotere contrast.
Investering
2016 – 2024
- Schatting totale budget: €180.000 (incl. BTW)
Finaal budget: €236.000 (incl. BTW)
- Financiële partners:
- 1/3 Stad Gent
- 1/3 Provincie Oost-Vlaanderen
- 1/3 Vlaamse Landmaatschappij
Initiatiefnemers
- Provincie Oost-Vlaanderen
- Stad Gent: dienst Mobiliteit & Ruimtelijke Planning, Mobiliteitsbedrijf & Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, coördinator Parkbos
- VLM
Contact
Daan Pelckmans
- Team Fiets Stad Gent
- daan.pelckmans@stad.gent
Locatie
Extra
- Alle presentaties van onze studiedag ‘Beleidsknoop of koppelkans? Samenwerken in het fietsbeleid’ zijn beschikbaar. Ook die van Gent over de aanleg van de fietssnelweg F7 door het beschermd cultuurhistorisch landschap van het Parkbos.
